Herdenking 4 mei bij Nieuwspoort

dodenherdenking 4 mei 2017

Nieuws

‘Een vrije pers kan goed of slecht zijn. Maar het is wel zeker dat de pers zonder vrijheid alleen maar slecht zal zijn.’ Met deze uitspraak van Albert Camus zette Wilco Boom de toon van de 4 mei-herdenking in het perscentrum Nieuwspoort.

Boon, voorzitter van de Raad van Toezicht van Nieuwspoort, haalde Camus aan in de korte toespraak waarmee hij de herdenkingsbijeenkomst opende. De eigenlijke herdenkingsrede werd dit jaar uitgesproken door Ridder Militaire Willemsorde Marco Kroon, majoor Koninklijke Landmacht, Korps Commandotroepen.

Na de toespraken werden namens meerdere journalistieke organisaties, waaronder de VVOJ, bloemen gelegd bij het monument aan de gevel van Nieuwspoort.

Toespraak Wilco Boom

Dames en heren,

Een vrije pers kan goed of slecht zijn. Maar het is wel zeker dat de pers zonder vrijheid alleen maar slecht zal zijn. Verstandige woorden van de Franse schrijver en filosoof Albert Camus.

Het is een goede traditie dat wij in Nieuwspoort op 4 mei stilstaan bij de mannen en vrouwen van de ondergrondse pers in Nederland. Mannen en vrouwen die tijdens de Tweede Wereldoorlog hun leven op het spel hebben gezet voor het Vrije Woord. Van wie velen de hoogste prijs hebben betaald voor hun toen illegale activiteiten. Journalisten, drukkers, zetters – en niet te vergeten de koeriers. We zijn hen veel verschuldigd.

In het Nederland van nu is het bijna niet meer voor te stellen hoe het toen was. Hoewel er ook hier bestuurders en politici zijn die weinig op hebben met de persvrijheid en journalisten, fotografen, cameramensen steeds vaker worden bedreigd – het was gisteren in het nieuws – hoeven zij hier niet bang te zijn voor de regering.
Dat is zoals het hoort te zijn. Maar het is ook een groot goed. Want op veel andere plaatsen in de wereld is het nog lang niet zo ver.

Minder dan één op de zeven wereldburgers leeft in een land met een vrije pers, meldde onlangs Free Press Unlimited, de organisatie die in meer dan veertig landen onafhankelijke journalistiek ondersteunt.
Minder dan één op de zeven.
Uitgerekend in de Verenigde Staten staat persvrijheid onder druk door voortdurende aanvallen van president Trump. Hij noemt media ‘vijanden van het volk’ omdat ze nieuws publiceren dat hem niet zint.

In landen dichter bij huis is nog slechter gesteld met de persvrijheid. In Hongarije en Polen, nota bene lidstaten van de Europese Unie, worden vrijheden van journalisten beperkt. Omdat de machthebbers er last van hebben. En in Turkije, één van onze NAVO-bondgenoten, zitten circa 150 journalisten gevangen.

Dan hebben we het nog niet over landen als China, Rusland en Venezuela. Of over landen als Syrie, Zuid Soedan, en Libie, waar oorlog woedt. Het zijn landen waar de journalistiek een uitermate gevaarlijk beroep is, zoals dat hier het geval was in de oorlog.

Toch zijn ook in die landen nog steeds journalisten aan het werk. Onder hen zijn ook Nederlandse collega’s, die ons met gevaar voor eigen leven de verhalen vertellen uit de oorlogsgebieden elders in de wereld.

Meestal loopt het goed af. Maar helaas niet altijd. Vorig jaar verloor persfotograaf Jeroen Oerlemans het leven. Hij werd het slachtoffer van een sluipschutter in Libië, waar hij de burgeroorlog versloeg. In de hal van Nieuwspoort is sinds kort een digitaal beeldscherm waar wij hem en andere Nederlandse collega’s eren die het leven hebben verloren tijdens hun werk. In de hal en de sociëteit ziet u ook een schilderijenexpositie rond de vermoorde Russische journaliste Anna Politkovskaja.

Al deze journalisten die werken in gevaarlijke landen, doen hun werk in dienst van de vrijheid. Gelet op de risico’s die hun werk met zich meebrengt, beschikken ze over een grote opofferingsgezindheid. Net als de mannen en vrouwen van de ondergrondse pers.

Maar dames en heren, zij zijn niet de enigen die zich hiermee onderscheiden. Ook de mannen en vrouwen die werken bij onze krijgsmacht doen dat op soms uitzonderlijke wijze. Dat geldt in het bijzonder voor het Korps Commandotroepen. Om die reden werd dat vorig jaar collectief onderscheiden met de Militaire Willemsorde, de hoogste militaire onderscheiding die ons land kent. Het is daarom een grote eer zometeen het woord te mogen geven aan Ridder Militaire Willemsorde majoor Marco Kroon. Als commando werd hij in 2009 ook persoonlijk onderscheiden met de Militaire Willemsorde voor door hem betoonde moed tijdens gevechten in Afghanistan.