Hoe ga je als journalist te werk in de Schilderswijk?

VVOJ14

#LROJ17

Brian van der Bol en Vincent Veenman werkten samen in de Schilderswijk en maakten daarover een documentaire. In Als iedereen verdacht is – Macht en onmacht van de politie in de Schilderswijk tonen ze de gespannen relatie tussen de politie en inwoners van deze Haagse buurt. In hun workshop op #LROJ17 geven ze een kijkje in de keuken.

door EVELIEN FRENKEL

Aanhoudende klachten over etnisch profileren, buitensporig politieoptreden en een racistische sfeer binnen het politiecorps in de Schilderswijk vormen de aanleiding voor de documentaire Als iedereen verdacht is – Macht en onmacht van de politie in de Schilderswijk. Van der Bol en Veenman volgden een paar leden van het politiekorps in kwestie en sprak met bewoners van de buurt, die wel met talloze voorbeelden van buitensporig politieoptreden kwamen maar zelden voor de camera wilden verschijnen.

‘Dat maakt het vastleggen van zo’n verhaal heel tricky’ volgens Veenman. En dan niet alleen door het gebrek aan bronnen die voor de camera durven te praten. Beide sprekers beamen dat je als journalist, zeker met een camera, in het nadeel bent. Middelvingers en verwensingen zijn tijdens hun werk aan de orde van de dag. Tijdens de nasleep van de dood van Mitch Hernandez, filmt Veenman een item op een plein in de Schilderswijk en verzamelen zich in korte tijd zoveel mensen om hem heen dat hij, tegen de wensen van de Omroep in, na een half uur weggaat.

‘Heel lang masseren’

Ook de politie staat in eerste instantie niet te springen om hun medewerking te verlenen, pas na ‘heel lang masseren en heel vaak op de koffie gaan’ besluit het politiekorps mee te werken. Na de documentaire zijn  volgens Van der Bol wel structurele verbeteringen doorgevoerd. Zo behandelt nu een extern team klachten. Ook is er meer etnische diversiteit binnen het team. Tijdens het filmen was ’99 procent van het corps zo blond als Koeman’, terwijl ‘95 procent van de inwoners van de Schilderswijk een niet-westerse achtergrond heeft’.

Ondanks de argwanende houding van de buurbewoners, zorgde het onderwerp van de documentaire ervoor dat Van der Bol en Veenman welwillende buurtbewoners te spreken kregen. ‘We hadden eigenlijk twee vragen. Is het geweld tegen de bevolking van de Schilderswijk structureel?. En: bestaat etnisch profileren? Dat eerste is moeilijk na te gaan, want iedereen die je spreekt is weleens aangepakt door de politie, maar je weet niet in hoeveel van die gevallen die aanpak geoorloofd was.’

Het antwoord op de tweede vraag is volgens Van der Bol eenduidiger. ‘Dat er, ook in de Schilderswijk, sprake is van etnisch profileren is onomstotelijk waar. Dat hebben wij niet alleen bevonden, maar ook talloze onderzoeken voor en na het onze.’

Verhalen over politiegeweld vormen dan ook maar een fractie van deze buurt waarover je volgens Van der Bol ‘tien boeken zou kunnen volschrijven’. Volgens Veenman is de Schilderswijk ‘de wereld in het klein’. ‘Zelfs als Galatasaray tegen Vena Barca speelt tegen Fenerbahçe, is dat in de Schilderswijk te merken.’