Tegels lichten in de regio, ja, het kan!

Johan van de Beek en Claire van Dyck, de auteurs van Sultan en de lokroep van de jihad.

Achtergrond

Onderzoeksjournalistiek is tijdrovend en dus kostbaar. Toch investeren regionale kranten erin. Jolanda van de Beld maakte daar dit verhaal over, in opdracht van het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek. Een van geïnterviewden, Bjorn Oostra, is keynote spreker op de VVOJ Trainingsdag Lokale en Regionale Onderzoeksjournalistiek, zaterdag 8 april in Utrecht.

door JOLANDA VAN DE BELD

Een kleine gemeente met de problematiek van een grote stad: “Het chique Noordwijk is een goudmijn voor projectontwikkelaars en de lokale politiek werkt er of aan mee, of kan er niets tegen doen.” Zo begint een serie onthullende artikelen die het Leidsch Dagblad in december publiceerde, resultaat van maandenlang onderzoek door freelance journalist Peter Olsthoorn. Zes dagen achter elkaar was er dagelijks een artikel in de krant te lezen, en online longreads die het onderwerp verder uitdiepten.

Is zo’n uitgebreide onderzoeksproductie bij een regionale krant een uitzondering, en hoe denken hoofdredacteuren over onderzoeksjournalistiek in de regio?

Polderoplossing

Hugo Schneider was als adjunct-hoofdredacteur van Holland Media Combinatie (HMC), waartoe het Leidsch Dagblad behoort, betrokken bij de publicatie over Noordwijk. Hij vertelt dat ook eigen journalisten van de centrale nieuwsredactie af en toe worden vrijgemaakt voor een onderzoek. Maar het is lastig voor regionale kranten, zegt Schneider: “Ik zou onze journalisten wel wat vaker willen inzetten voor grote verhalen, maar dat gaat ten koste van de lokale of regionale verslaggeving. En dat is nu eenmaal de functie die we hebben.” Toch heeft HMC het plan om een driekoppige onderzoeksredactie te starten.

Bij het Dagblad van het Noorden is, vanwege bezuinigingen, een constructie bedacht om met weinig mensen toch onderzoeksjournalistiek te bedrijven. De onderzoeksredactie bestaat uit drie journalisten die rouleren. Ze doen afwisselend vier weken onderzoek en twee weken verslaggeving. Er zijn dus altijd twee onderzoeksjournalisten aan het werk. “Een polderoplossing”, zegt chef Jantina Russchen, maar ze is er blij mee.

De Limburger heeft een onderzoeksredactie waar zes journalisten fulltime werken. “We hebben een traditie van onderzoeksjournalistiek die we hoog willen houden”, zegt adjunct-hoofdredacteur Bjorn Oostra.

Toevoeging VVOJ: op de foto bij dit verhaal Johan van de Beek en Claire van Dyck, auteurs van het onlangs verschenen Sultan en de lokroep van de Jihad. Net zoals eerder bij De Zaak Van Reystelde de redactie van De Limburger deze twee redacteuren langdurig vrij om te werken aan hun onderzoek naar het radicaliseringsproces van een aantal moslimjongeren in Limburg. Van Beek en van Dyck komen naar de Trainingsdag Lokale en Regionale Onderzoeksjournalistiek (#LROJ17) om te vertellen over hun onderzoek.

Bestaansrecht

Maar het gaat niet alleen om een traditie. Bestaansrecht, ertoe blijven doen, de waakhond zijn in een democratie: dat zijn voor Schneider, Russchen en Oostra de belangrijkste redenen voor het behoud van onderzoeksjournalistiek in hun krant. Nieuws is tegenwoordig overal te vinden en vaak zelfs gratis. Een dagblad moet zich onderscheiden, duiding en verdieping toevoegen met het grondig uitzoeken van zaken. De ‘kaalslag’ van de journalistiek is bovendien bij regionale kranten groter dan bij landelijke kranten, vinden ze.

Alle drie zijn ze er ook van overtuigd dat de lezers van hun kranten behoefte hebben aan diepgravende onderzoeksjournalistiek. Oostra: “Weinig lezers zeggen dat natuurlijk op die manier, maar we krijgen positieve reacties op de verhalen die we maken.”

Van tips moeten de regionale onderzoeksredacties het niet altijd hebben. Klokkenluiders stappen liever naar landelijke media, want dat levert meer aandacht op, zegt Schneider. “Dat is een beetje de tragiek van de regionale dagbladen.”

Maar regionale media hebben ook een voordeel: de journalisten zitten dicht op de gebeurtenissen in de regio en lopen zo sneller aan tegen een onderwerp dat het verdient uitgezocht te worden. De constructie bij het Dagblad van het Noorden van afwisselend verslaggeving en onderzoek doen, is om die reden ook nuttig, vindt Jantina Russchen.

Daarnaast werken onderzoeksjournalisten regelmatig samen met regioverslaggevers. Die hebben immers de contacten. “Onthullende dingen horen vereist een vertrouwensrelatie met bronnen”, zegt Russchen. De kennis en het netwerk van de regioverslaggever worden zo gecombineerd met de tijd en de competenties van een onderzoeksjournalist.

Flinke impact

Regionale onderzoeksjournalistiek had de afgelopen jaren regelmatig flinke impact, ook op nationale schaal. De corruptiezaak rond oud-wethouder Jos van Rey, de reconstructie van ‘Project X’ en de rellen in Haren, het gebruik van kankerverwekkende verf door Defensie, dopinggebruik in de internationale atletiek: allemaal aan het licht gebracht door regionale kranten.

De serie artikelen over Noordwijk van Peter Olsthoorn is door Hugo Schneider ingestuurd voor de Tegel en Schneider staat open voor meer samenwerking met freelancers. Olsthoorn is blij met de steun die hij kreeg van Schneider en de hoofdredactie van HMC. Een bron uit zijn verhaal probeerde publicatie te voorkomen door te dreigen met een rechtszaak. In zijn eentje zou hij daar moeilijk tegenop hebben gekund, nu verleende het overkoepelende concern boven HMC (TMG) hem juridische steun.

Hij pleit voor meer samenwerking: tussen kranten en freelancers – het liefst in een vroeg stadium van het onderzoek – en tussen freelancers onderling. “Door nieuwe verbanden te smeden kunnen we sterker staan in de onderzoeksjournalistiek.”

Dit verhaal is met toestemming van het Stimuleringsfonds overgenomen. De orginele publicatie staat hier.