Cafe, Nieuws

Verslag VVOJ Café: Afrika in Nederland

Nederlandse onderzoeksjournalisten slaan de handen inéén met Afrikaanse vakgenoten om samen onderzoek te doen. Niet alleen daar, maar ook in Nederland. Dat resulteert in tal van onthullende verhalen, bijvoorbeeld over de Somalische gemeenschap in Nederland, of de Nigeriaanse bedelmail-organisatie. Tijdens het VVOJ Café op maandagavond 5 maart vertelden Afrikaanse en Nederlandse journalisten over hun ervaringen, de valkuilen en wat de grenzeloze samenwerking heeft opgebracht. Klik door om het verslag te lezen.

Sprekers: Evelyn Groenink (Forum for African Investigative Reporters, FAIR), Idris Akinbajo (onderzoeksjournalist Nigeria), Bjinse Dankert (GPD) en Anneke Verbraeken (freelance)
Gespreksleider: Miro Lucassen
Datum: 5 maart 2012
Locatie: Grand Café-restaurant 1e Klas, Amsterdam CS
Verslag: Arno Kersten

“What’s someone like him doing in a place like this?”, dacht verslaggever Bjinse Dankert van de Geassocieerde Persdiensten (GPD) toen hij op de VVOJ Conferentie in Eindhoven Idris Akinbajo door de gangen zag lopen. Simpel. De Nigeriaanse journalist was uitgenodigde als spreker om te vertellen over de grensoverschrijdende verhalen die hij samen met Nederlandse collega’s had gemaakt.

Ze raakten aan de praat, hielden contact en besloten de handen ineen te slaan. Er lag namelijk een prikkelend onderwerp te wachten dat Dankert in zijn eentje bijna onmogelijk kon doorgronden: het reilen en zeilen van Afrikaanse illegalen in Nederland. “Vertrouwen winnen is heel belangerijk”, vertelt Akinbajo. “Je zou maanden met iemand moeten doorbrengen voordat ze echt iets persoonlijks prijsgeven. Ze vertellen bijvoorbeeld niet zo gauw over de illegale baantjes die ze hebben, tenzij je hun vertrouwen hebt.”

Voor Dankert zou het een haast onhaalbare kaart zijn, al was het maar vanwege taal- en cultuurverschillen. Toch waren er ook aspecten van het journalistieke onderzoek waarbij juist hij deuren openkreeg. Letterlijk, in dit geval, want hij werd na lang aandringen wél als journalist door officials ontvangen in de Nigeriaanse ambassade, Akinbajo niet. Het duurde overigens anderhalve week voordat Dankert uberhaupt maar binnengelaten werd. Het antwoord was steeds: de press secretary is er niet.

Bij de GPD reageerde z’n chef eerst wat aarzelend op het project. Dankert deed het aanvankelijk erbij, naast de verhalen die hij sowieso dagelijks maakte. Het leverde een tweedelig verhaal op, samengesteld uit feiten en anekdotes. “Ticket en visa kosten drieduizend euro, dus de meeste Afrikanen die naar Europa komen zijn niet zo arm maar middeclass. De echte armen kunnen gewoon niet hierheen komen”, aldus Akinbajo.

Ook voor sommige Afrikaanse journalisten is Europa een aanlokkelijk perspectief, ze zien samenwerking als een potentieel ticket naar betere leefomstandigheden. “Maar de meeste journalisten in Afrika zijn zoals Idris, die willen in Nigeria werken en bijdragen aan de samenleving”, vertelt Evelyn Groenink, verbonden aan het Forum for African Investigative Reporters (FAIR). “Het is wel zo dat er allerlei machten zijn, financieel, politiek, crimineel, buiten Nigeria die verbonden zijn met het land. Daarom werken Nigeriaanse onderzoeksjournalisten ook vaak buiten de landsgrenzen.”

Lokale collega
Journalistiek bedrijven in Afrika zelf is moeilijk, aldus freelance journalist Anneke Verbraeken. “Kritische journalisten worden gearresteerd, corruptie ligt om de hoek.” Waar in Afrika ze ook neerstrijkt, ze heeft een vaste aanpak. “Ik probeer altijd een lokale collega te vinden, een professional die zich onafhankelijk opstelt en die me weer kan doorverwijzen.” Afgelopen december bracht Verbraeken een aantal penibele uren door toen ze in Congo werd vastgezet en ondervraagd. Meestal ‘beperkt’ de overlast zich tot poging om haar geld uit de zak te kloppen.

Radio Nederland Wereldomroep en de Groene Amsterdammer behoren tot haar vaste afnemers. Bij andere Nederlandse media die ze haar verhalen aanbiedt, wordt herkenbaarheid vaak heel belangrijk gevonden, aldus Verbraeken. “Ik krijg heel vaak te horen: goed verhaal, het is alleen niks voor ons want het heeft geen Nederlandse invalshoek.” Vanuit de zaal vertelt een collega over haar eigen ervaringen op dit gebied: “Soms dan zegt de eindredactie: er zitten te veel Afrikaanse namen in je stuk, noem hem alsjeblieft gewoon chief.” Verbraeken: “We moeten als journalisten in Afrika een front vormen, want we worden nu vaak als deurmat gebruikt.”

Voor Dankert is de situatie anders, als verslaggever in dienst van de GPD. Hij moet sowieso denken aan de regionale kranten die al betaald hebben voor de verhalen die hij op het net zet. “Maar ik krijg veel vrijheid en verantwoordelijkheid in de verhalen die ik doe, en hoe ik het doe”, vertelt hij. Bij het uitwerken van hun verhalen bood Google Docs uitkomst voor het delen van documenten met collega Akinbajo, die ook terug in Afrika aan de tekst kon werken. Zijn eindredacteur was uiteindelijk heel tevreden, zegt Dankert. “Toen hij het verhaal had gelezen, zei hij: mooi stuk, heb je ook aan foto’s gedacht?”

About the Author

Specialisatie: onderwijsjournalistiek